De nieuwe FSC-standaard voor bosbeheer

152Leestijd: 4 minuten
Audits moeten vooral in het veld plaatsvinden. (foto: Mark van Benthem, Probos)

WAGENINGEN – In juni 2019 is de nieuwe FSC-standaard voor het Nederlandse bos gelanceerd met aangescherpte eisen voor het beheer. Wat betekent dit voor de beheerder?

De eerste Nederlandse FSC-standaard verscheen in 2005. Inmiddels is 161.601 hectare bos in Nederland FSC-gecertificeerd. Dit is 43% van het Nederlandse bos. FSC heeft de standaard onlangs volledig herzien om onder meer tegemoet te komen aan de kritiek dat er in het verleden te veel nadruk lag op administratieve controles in plaats van controles op het beheer in het veld. Arjan Alkema (FSC Nederland): “FSC wil met de nieuwe standaard beheerders stimuleren om hun beheer steeds te verbeteren en aan de slag te gaan met relatief nieuwe thema’s, zoals het voorkomen van bodemverdichting, beschermen van cultuurhistorische en aardkundige waarden en het laten liggen van tak- en tophout in voedselarme bossen.”

Benny en Inge van Dasselaar, rentmeesters van de FSC-gecertificeerde landgoederen Pijnenburg (247 hectare), De Grote Woeste Hoeve (173 hectare) en Kruisvoorde (58 hectare)daarover: “FSC vraagt je naar de toekomst te kijken. FSC eist bijvoorbeeld een strategie voor bosverjonging. Met het oog op klimaatverandering en steeds meer boomsoorten die gaan uitvallen, is het alleen maar goed dat we daar nu mee aan de slag gaan.”

Werken aan gebiedskennis

Bosbeheer vergt naast vakkennis, een gedegen gebiedskennis en een langetermijnvisie van de beheerder. Met de nieuwe FSC standaard worden beheerders hiertoe uitgedaagd en gevraagd hun gebiedskennis op orde te brengen en vast te leggen op kaart. Bijvoorbeeld waar komen beschermenswaardige planten en dieren voor? Waar zitten de waardevolle cultuurhistorische en aardkundige waarden? Mark Karsemeijer, beheerder van 2.100 hectare FSC-gecertificeerd bos van de gemeente Nunspeet, licht toe: “Een deel van de cultuurhistorische waarden in onze gebieden zijn bekend, maar lang niet alles. Mede door de nieuwe FSC-regels is een groep vrijwilligers in een van onze bosgebieden gestart met een cultuurhistorische inventarisatie.” Ook aardkundige waarden, zoals droogdalen, oude meanders, stijlranden, stuifzandgebieden en pingoruïnes zijn bij veel beheerders nog onvoldoende in beeld. Renske Terhürne, verantwoordelijk voor FSC-certificering bij Geldersch Landschap & Kasteelen (GLK), vult aan: “Specifiek de aardkundige waarden hebben we nog niet in al onze terreinen voldoende in beeld gebracht. FSC zet ons er toe aan om hier meer werk van te maken.”

Minder normeren

FSC heeft in de nieuwe standaard gekozen om het beheer minder te normeren en meer over te laten aan de vakkennis van de beheerder en de specifieke terreinomstandigheden waar hij of zij mee te maken heeft. Arjan Alkema: “FSC schrijft niet precies voor hoe je biodiversiteit moet bevorderen of bodemverdichting moet beperken. We vragen de beheerder om voor zijn gebied een strategie te ontwikkelen hoe hij voldoende aanbod van dood hout garandeert. Ook laten we het aan de beheerder om zelf geschikte machines en werkmethoden te kiezen om bodemverdichting te beperken. Het gebruik van uitsleepspaden wordt genoemd als optie, maar is geen harde eis.”

Verschil in beheer?

De geïnterviewden verwachten niet dat de nieuwe standaard tot een grote omslag in het bosbeheer zal leiden. Het is het wellicht ook nog te vroeg om hier uitspraken over te doen, aangezien de meeste beheerders nog bezig zijn met het aanpassen van hun beheerplannen aan de nieuwe eisen. De geïnterviewden geven wel aan dat de standaard op verschillende aspecten helpt om zaken bloot te leggen die in de beheerpraktijk nog onvoldoende geregeld zijn. Dit is immers ook in het verleden al gebleken. Zo heeft de gemeente Nunspeet de regels voor brandhoutverkoop aan particulieren aangescherpt met meer aandacht voor veilig werken met de motorkettingzaag. Bij Staatsbosbeheer heeft FSC-certificering bijgedragen aan het opstellen van een boomveiligheidsprotocol en meer aandacht voor interne opleidingen. “Binnen Staatsbosbeheer is de nieuwe FSC-standaard een extra stok achter de deur om meer werk te maken van het beperken van bodemverdichting bij houtoogst”, aldus Ronald Sinke (bosadviseur bij Staatsbosbeheer).

Verantwoorde houtoogst

“FSC-certificering vraagt redelijk wat administratie bovenop de bestaande zaken die je bijvoorbeeld al vanuit wettelijke verplichtingen moet administreren”, zegt Benny van Dasselaar. Desalniettemin staat hij nog steeds achter de keuze van FSC-certificering: “Het beheer van particuliere landgoederen is van oudsher gericht op duurzaam beheer, zodat het bos met al zijn functies ook kan worden doorgegeven naar de volgende generatie. Met een FSC-certificaat krijg je daarvoor ook de onafhankelijke erkenning!” Mark Karsemeijer beaamt dit: “Het gemeentelijke bos beschouwen wij als een bos van de lokale gemeenschap. Met een FSC certificaat laten we de gemeenschap zien dat we verantwoord met het bos omgaan. Wel zou ik graag binnen FSC wat meer aandacht zien voor actuele beheerthema’s als klimaatverandering. Een deel van de bossen heeft daar duidelijk onder te lijden.”

Ronald Sinke ziet in het FSC-certificaat een instrument om interne processen aan te scherpen: “FSC helpt om alle zaken die binnen Staatsbosbeheer zijn afgesproken over verantwoord bosbeheer op orde te houden en er intern steeds weer aandacht voor te vragen”. Het extra werk dat FSC-certificering oplevert in de vorm van administratie en audits, ziet Renske Terhürne ook niet per sé als een nadeel. “FSC helpt het Geldersch Landschap het bosbeheer beter uit te leggen en ook het belang van houtproductie als een bosfunctie over het voetlicht te brengen. Wel zou FSC Nederland ook zelf meer richting het publiek kunnen communiceren over de waarde van FSC-certificering in het Nederlandse bos.” Benny van Dasselaar voegt hieraan toe: “Landgoed Pijnenburg in Baarn kent naar schatting 2,3 miljoen recreatiebezoeken per jaar. Een goede communicatie over houtoogst is daar cruciaal. Als ik naast een stapel geoogst hout in het bos uitleg dat deze stapel FSC-gecertificeerd is en dat men hetzelfde logo in de bouwmarkt kan vinden, wekt dat zeker vertrouwen en snappen mensen ook beter hoe verantwoorde houtoogst in zijn werk gaat.”

Martijn Boosten, Stichting Probos
martijn.boosten@probos.nl
Dit artikel is een ingekorte versie van een artikel verschenen in nummer 171 van het Vakblad Natuur Bos Landschap (januari 2021)