Houtskeletbouw levert belangrijke bijdrage bij duurzaam bouwen
vrijdag, 20 augustus 2010 07:15
Project De Zunne Groningen winnaar ‘duurzame corporatie van het jaar’

GRONINGEN - De houtskeletbouw van De Zunne als groot pré voor de toekomst, de afgewogen materiaalkeuze, de mogelijkheid om in een later stadium de duurzame maatregelen in de woningen verder uit te breiden én de betrokkenheid van de bewoners vanaf ontwikkelingen tot realisatie en nazorg. Aldus motiveerde de jury van de Building Business Awards 2010 waarom woningcorporatie Lefier met woningbouwproject De Zunne winnaar werd in de categorie ‘Duurzame corporatie van het jaar’.

Met ingediende plan in houtskeletbouw won VDM Woningbouw – samen met Inbo Architecten - de prijsvraag die Lefier in 2008 uitschreef voor dit project van 32 woningen in de wijk De Wijert. De woningcorporatie stelde onder andere hoge eisen aan duurzaamheid, waarbij het instrument GPR Gebouw als uitgangspunt diende. Per duurzaamheidsthema of module (energie, materiaal, afval, water, gezondheid en woonkwaliteit) was het ambitieniveau vastgelegd door  middel van een minimum score. Deze scores varieerden van 7,5 tot 8 (voor energie). Uitgangspunt bij de module energie was primaire aandacht voor het bouwkundig ontwerp: met Rc-waarden voor de schil tussen 4,0 en 5,0 m2K/W, wat resulteert in een EPC-waarde van circa 0,6.

Planopzet
Het ontwerp van De Zunne is gebaseerd op de bestaande houtskeletbouw woningconcepten van VDM. De plattegronden en doorsneden werden toegespitst op het stedenbouwkundig plan dat door Sacon Zwolle was opgesteld. Kenmerkend voor het houtskeletbouwconcept van VDM is onder meer dat de woningen een hoge vloeropbouw kennen, opgebouwd uit I-liggers. Dit leidt tot stijvere vloeren én komt van pas bij het wegwerken van installaties en leidingen.
Voor de gevels aan de buitenzijde/ straatzijde koos Inbo voor baksteen, om aan te sluiten bij de woningen in de omgeving. Thermowood houten delen aan de binnengevels zorgen voor een warmere sfeer rondom het binnengebied.

Energiezuinig
In het houtskeletbouwsysteem is het relatief eenvoudig hoge Rc-waarden te halen. Directeur Jan Hoekstra van VDM: ‘We hebben in De Zunne zogenoemde ‘actiefwanden’ toegepast: wanden van 220 millimeter dik, voorzien van isolatie, in plaats van de gebruikelijke dikte van 144 millimeter. Door aan de binnenzijde bovendien een voorzetwand aan te brengen, blijft bij plaatsing van wandcontactdozen de dampremmende laag intact. Deze actiefwanden hebben niet alleen een hogere Rc-waarde (5,2 in plaats van 3,5) maar ook een hogere luchtdichtheid.’
VDM plaatst daarbij in de fabriek altijd een dampopen plaat – DHF - aan de buitenzijde van de elementen, in plaats van folie. Deze plaat doet mee in de stabiliteit van de afzonderlijke elementen (belangrijk bij transport en om beschadigingen te voorkomen), maar ook in de stabiliteit van de totale woning.

Toekomstgericht
In de woningen zijn een aantal maatregelen genomen om toekomstige ontwikkelingen te kunnen doorvoeren. Hierbij gold dat met de eventuele extra investeringen efficiënt moest worden omgegaan. Zo zijn de woningen uitbreidbaar: voor een extra dakopbouw is een wat zwaardere fundering aangebracht en in het dak is al een raveelconstructie opgenomen voor een trap. Ook zijn uitbreidingen mogelijk bij de houten gevels aan het binnenterrein, maar daarvoor zijn geen extra voorzieningen opgenomen.
In de plattegronden van de woningen sluiten zowel de keuken en de bijkeuken op de begane grond, als de badkamer op de verdieping aan op een grote centrale schacht. Deze koker maakt het mogelijk later eventueel zonnecollectoren, pv-panelen of een luchtwarmtepomp toe te voegen en leidingen weg te werken. Vanwege de goede isolatie in de schil (trias energetica) is gekozen voor laagtemperatuurverwarming (vloerverwarming op de begane grond en convectoren op de verdieping). Combinatie met een warmtepomp in de toekomst is hierbij een optie.
Al tijdens de uitvoering bleek het voordeel van de houtskeletbouw: Lefier wilde graag alsnog sedumdaken uitvoeren. VDM paste de dakelementen aan door de h.o.h.- afstand van de dakliggers wat te verkleinen.

Materiaalkeuze

Alle materiaalkeuzes zijn benaderd vanuit de GPR Gebouw. Zo is de Thermowood bekleding gekozen vanwege de warmere sfeer, maar de gevelafwerking paste ook in de overwegingen van de GPR én binnen het kostenplaatje.
Bij de baksteenkeuze speelde bijvoorbeeld niet alleen de prijs een rol, maar ook dat de baksteenleverancier de restwarmte van zijn fabriek aan de buurt levert.
“Wat je misschien niet verwacht in een houtskeletbouwproject zijn de kunststof kozijnen”, vertelt projectleider Wessel Bruining. “Dit heeft vooral met de langere levensduur te maken én het onderhoudsvriendelijker karakter dan hout. Bovendien hebben we gekozen voor kunststof kozijnen waarin in de binnenzijde van het profiel gerecycled kunststof is mee geëxtrudeerd én voor profielen die bestaan uit een receptuur met calcium/ zink waarbij het lood in PVC is weggelaten.”
De houten kaders rond de kozijnen zijn al in de fabriek van VDM omkleed met zink waarbij gebruik werd gemaakt van de uitgefreesde DHF platen uit de kozijnsparingen. Deze dienden als dampopen stelkader voor het zink. Dit leidde tot een optimaal materiaalgebruik wat zich doorvertaalde in de kostprijs.
Als waterdichte basis onder het sedumdak is een Derbigum dakbedekking gekozen: deze is volledig recyclebaar tot nieuwe dakbedekking.
In het ontwerp zijn leidingen steeds zo kort mogelijk gehouden door keuken/badkamer en techniek te centreren: niet alleen om warmteverlies te voorkomen, maar ook vanwege de kosten per strekkende meter.

Resultaat
Directeur Jan Hoekstra van VDM stelt dat woningbouwproject De Zunne wellicht niet het meest duurzame project van Nederland is. “Maar er is wél heel breed naar veel aspecten van duurzaamheid gekeken én gekozen. We hebben alle onderdelen van het plan steeds benaderd met de vraag: wat is de meest optimale oplossing? En tenslotte moest het ook allemaal nog tegen marktconforme prijzen. Het resultaat is onder meer dat we in dit project een totale - gemiddelde GPR-score van 8,6 hebben gerealiseerd, met voor energie een score van 8,9 en voor woonkwaliteit zelfs van 9,6. Ruim boven de doelstellingen van de woningbouwcorporatie dus.”